De terugkeer van natuur in steden speelt een belangrijke rol voor leefbare steden. Met het juiste groendaksysteem kan vrijwel elk grijs dak worden getransformeerd tot een extensief en zelfs een intensief groendak.
Extensieve groendaken zijn ontworpen om esthetisch, onderhoudsarm, duurzaam en licht in gewicht te zijn.
Intensieve groendaken zijn vergelijkbaar met grondgebonden groen, zoals tuinen en parklandschappen. De intensieve vegetatie heeft meer water nodig en regelmatig onderhoud. Gazons, struiken en bomen zijn de meest voorkomende intensieve vegetatie voor groene daken. Deze vegetatie wordt meestal gecombineerd met gebieden voor voetgangers of autoverkeer.
De kern van de Nophadrain systemen voor groendaken zijn de ND+1 Drainagesystemen. Ze zijn allemaal voorzien van een ingebouwde waterbufferfunctie en zowel geschikt voor warme als omgekeerde dakconstructies.
Klik op onderstaande blokken voor de specifieke systemen voor groendaken: extensieve en intensieve groendaken.
De kern van de Nophadrain Groendaksystemen zijn de ND+1 Drainagesysteem producten. Ze zijn allemaal voorzien van een ingebouwde water bufferfunctie. Ons ND 4+1h Drainagesysteem is ons allround drainagesysteem voor groene daken. Dit multifunctionele, CE-gemarkeerde drainagesysteem is ontworpen met een druksterkte van meer dan 600 kPa. Het is uitgerust met een sterk filter en beschermend geotextiel, waardoor het geschikt is voor de hoogste drainage prestaties. Het voorkomt ook de druk van het water op de dakbedekking. Als het dak geen of een beperkte helling heeft, gebruik dan de ND 5+1 Drainagesysteem met een gecertificeerde afvoerlengte tot 13 meter. Zo bieden wij voor ieder groendak de geschikte oplossing.
Om nog meer water beschikbaar te maken voor de vegetatie, adviseert Nophadrain om de substraatlaag in extensieve groendaken aan te vullen met onze ND SM Substraatplaten. De substraatplaten zijn verkrijgbaar in verschillende diktes en kan tot ca. 15 resp. 30 l/m² water bufferen. De substraatplaten laten worteldoorgroei toe en zijn beperkt in compressie. Door deze bijzondere eigenschappen kunnen ze zelfs substraat vervangen en zo het totale gewicht van het groendaksysteem verminderen. Hitte-eilandstress in de stad wordt zo tegengegaan.
Voor intensieve groendaksystemen worden de ND WSM-50 Waterreservoirplaten gebruikt. Ze verdragen het hogere gewicht van intensieve groendaken en bufferen tot 40 l/m² water. Alle waterreservoirplaten bufferen water tot hun verzadigingspunt. Zo is er direct meer water beschikbaar voor de vegetatie. Dit leidt tot een verhoogde verdamping, ondersteuning van de kleine waterkringloop en voert alleen overtollig water af naar de daaronder geplaatste drainagelaag. Vanwege hun specifieke structuur, functioneren de ND WSM-50 Waterreservoirplaten ook als extra filterlaag.
Dit maakt het gebruik van substraten met een hoger organisch gehalte mogelijk, waardoor er nog meer biodiverse vegetatie mogelijk is en de transpiratie en verdamping van de neerslag toeneemt en omgevingstemperatuur daalt. Geheel volgens ons motto: “Catch it, Keep it, Re-use it”.
De voordelen van de Nophadrain Groendaksystemen:
Er zijn twee typen groendaken: extensieve en intensieve groendaken.
Extensieve groendaken zijn doorgaans ontworpen om robuust, onderhoudsarm, duurzaam en licht in gewicht te zijn. Dat maakt dit type groendak bijzonder geschikt voor lichtgewicht constructies. Met sedum, kruiden of grassen kunnen zelfs biodiverse leefomgevingen worden gecreëerd in gebieden met slechtere klimaatomstandigheden.
Intensieve groendaken zijn vergelijkbaar met grondgebonden groen, zoals tuinen en parklandschappen. De intensieve vegetatie heeft meer water nodig en daardoor dus ook regelmatig onderhoud. Gazons, struiken en bomen zijn de meest voorkomende intensieve vegetatie voor groendaken. Deze vegetatie wordt meestal gecombineerd met gebieden voor voetgangers of autoverkeer.
Intensieve dakbegroeiingen worden vaak toegepast op daken die direct aansluiten op het maaiveld of onderdeel uitmaken van de directe leefomgeving. Ze gaan visueel op in de omgeving en functioneren als volwaardige buitenruimte.
Door de combinatie met verharding ontstaan looppaden, terrassen of verblijfsplekken, waardoor het dak veilig en comfortabel gebruikt kan worden door bewoners, bezoekers of omwonenden. De verharding zorgt bovendien voor een duidelijke indeling, betere toegankelijkheid en bescherming van de beplanting tegen intensief gebruik.
Wij adviseren vanaf de VO- en DO-fase, inclusief detailtekeningen, bestekteksten en technische begeleiding tijdens uitvoering. Zo wordt elk groendak optimaal ontworpen en uitgevoerd met het Nophadrain Groendaksysteem.
Voor extensieve groendaken kunnen zowel omgekeerde daken met XPS-isolatie als warme daken met steenwol, PIR/PUR, EPS of cellulair glas worden toegepast. Bij omgekeerde daken beschermt de XPS-isolatie het dakbedekkingssysteem en is het noodzakelijk dat er een damp-open drainagelaag wordt gebruikt om condensatie te voorkomen.
Voor intensieve groendaken wordt geadviseerd te kiezen voor omgekeerde daken met XPS-isolatie of warme daken met cellulair glas. Bij omgekeerde daken beschermt de XPS-isolatie het dakbedekkingssysteem en zorgt een damp-open drainagelaag dat de isolatie kan drogen, waardoor condensatie wordt geminimaliseerd.
Dakbedekkingen onder zowel extensieve als intensieve groendaken moeten waterdicht en wortelvast zijn, bestand tegen rhizomen van kweekgrassen, en bij voorkeur CE-gemarkeerd en voorzien van een KOMO-certificaat. Gesloten systemen kunnen baanvormig, vloeibaar of gietasfalt zijn. Voor intensieve groendaken wordt volledige verkleving van het dakbedekkingssysteem aanbevolen voor extra zekerheid tegen lekkages, vooral bij geïsoleerde daken. Extensieve groendaken kunnen ook losliggend of mechanisch bevestigd worden, mits wortelwering en waterdichtheid gegarandeerd zijn.
De dakrand moet minimaal 120 mm boven de vegetatiedragende laag of verharding uitsteken. Bij onvoldoende hoogte kan een dakrandprofiel worden toegepast om de begroeiing veilig op te sluiten.
Het dakbedekkingssysteem wordt minimaal 120 mm boven de begroeiing doorgetrokken. Bij lage deuropeningen is een noodoverloop nodig. Rond gevelaansluitingen komt een vegetatievrije, begaanbare zone van grind of tegels met een kantopsluitingsprofiel.
Dakopstanden zoals lichtkoepels, ventilatoren en rookkanalen moeten minimaal 50 mm hoger zijn dan de dakrand. Rond de opstanden wordt een vegetatievrije zone van grind of tegels aangebracht, gescheiden van de begroeiing door een kantopsluitingsprofiel.
Voldoende afschot zorgt ervoor dat regenwater goed wordt afgevoerd en dat er geen langdurige plasvorming ontstaan. Voor beide typen groendaken mag op maximaal 5% van het dakoppervlak plasvorming voorkomen, met een maximale diepte van 5 mm. Bij intensieve groendaken is een goed afschot extra belangrijk omdat zwaardere vegetatie en diepere substraatlagen sneller kunnen leiden tot plasvorming en verzadiging van de vegetatielaag.
Bij zowel extensieve als intensieve groendaken voorkomt het gebruik van drainagesystemen zoals ND 5+1 of ND 6+1v dat de vegetatielaag direct in contact komt met plassen. Deze systemen ‘tillen’ als het ware de vegetatielaag 27 mm boven het water uit. Bij intensieve groendaken is dit vaak cruciaal, omdat een dikkere substraatlaag sneller water kan vasthouden en daardoor meer risico op natte plekken ontstaat.
Voor extensieve groendaken wordt een minimaal effectief dakafschot van 1 % aanbevolen (2 % voor éénlaagse opbouwen). Voor intensieve groendaken geldt ook minimaal 1 %, maar constructeurs houden rekening met het hogere gewicht van de opbouw en mogelijke doorbuiging van de constructie. Hierdoor kan in de praktijk een iets groter afschot nodig zijn om waterophoping te voorkomen.
Bij hellingen vanaf 15° moeten constructieve en vegetatie technische maatregelen worden toegepast, zoals afschuifvoorzieningen, drainagesystemen, erosiebescherming, verankering van de vegetatielaag en het gebruik van gewapende vegetatiematten of geocomposieten.
Bij daken met een helling van meer dan 45° wordt het aanbrengen van een groendak afgeraden, omdat de technische en vegetatie technische uitdagingen te groot zijn voor een stabiele vegetatielaag.
De opbouw van een extensieve dakbegroeiing bestaat uit de volgende lagen met elk hun specifieke functie: wortelwerende laag, scheidings- en beschermlaag, waterafvoerende laag, filterlaag, vegetatiedragende laag – substraatlaag én de vegetatielaag.
Elke laag heeft een specifieke functie. Samen zorgen ze voor duurzame ondergrond voor vegetatie op het dak. Sommige producten, zoals ND Drainagesystemen, kunnen meerdere functies tegelijk vervullen.
Een wortelwerende laag is nodig als het dakbedekkingssysteem niet wortelbestendig is. Wortelbestendige dakbedekkingen zijn bijvoorbeeld PVC, EPDM of bitumen met een speciale wortelbestendige afwerking, getest volgens DIN 4062-1 of de FLL-doorwortelingstest/NEN EN 13948. Voor niet-wortelbestendige daken kan de ND WSB-50 Wortelwerende Folie (bij extensieve groendaken) of ND WSB-80 Wortelwerende Folie (bij intensieve groendaken) worden gebruikt. Een waterdicht betonnen dak is van zichzelf wortelvast en heeft geen aparte wortelwerende laag nodig.
De folie moet worden gelast (geföhnd) op de naden en minimaal 120 mm boven de vegetatiedragende laag worden doorgetrokken bij gevelaansluitingen, dakranden en dakopstanden. Bij een omgekeerd dak met een niet-wortelbestendig dakbedekkingssysteem wordt de folie direct onder de thermische isolatie op de dakbedekking aangebracht. Voorbeelden van folies zijn de ND WSB-50 (extensief, 0,5 mm) en ND WSB-80 (intensief, 0,8mm).
Een scheidings- en beschermlaag voorkomt dat materialen die elkaar chemisch niet verdragen in contact komen en beschermt het dakbedekkingssysteem tegen mechanische en dynamische belastingen tijdens installatie en gebruik.
Bij de Nophadrain systemen voor extensieve groendaken neemt de onderste laag van de ND Drainagesystemen deze functie over. Bij intensieve groendaken wordt vaak een glijlaag toegepast, bijvoorbeeld de ND TSF-100 Glij- en Beschermfolie in combinatie met het ND Drainagesysteem. Deze glijlaag zorgt ervoor dat dynamische belastingen van bovenliggende lagen niet op de dakafdichting worden doorgegeven, waardoor het dak veilig en duurzaam beschermd blijft.
De waterafvoerende laag vormt samen met de filterlaag de drainagelaag van een groendak. Ze vangt overtollig water op uit de vegetatiedragende laag en voert het gecontroleerd af naar de dakafvoeren. Zo wordt waterophoping voorkomen en blijft het dakbedekkingssysteem beschermd tegen waterdruk.
Goede verticale doorlatendheid, hoog horizontaal waterafvoerend vermogen en langdurige kruipweerstand (tot 50 jaar). De afvoercapaciteit wordt afgestemd op de dakhelling en de verwachte belasting en moet voldoen aan DIN 4095 (“Drainage van bouwwerken”: regenintensiteit 0,03 l/(s·m²)).
De filterlaag voorkomt dat fijne substraatdeeltjes uit de vegetatiedragende laag in de waterafvoerende laag terechtkomen. Zo blijft de horizontale waterafvoer optimaal en wordt verstopping van het drainagesysteem voorkomen.
ND Drainagesystemen zijn CE-gemarkeerde sandwichelementen die filterlaag, waterafvoer en bescherming in één product combineren. Ze voeren overtollig water af, voorkomen verstopping en beschermen het dakbedekkingssysteem. Typen zoals ND 4+1h, ND 5+1 en ND 6+1v hebben bovendien een extra waterreservoir voor de beplanting. Dankzij de geperforeerde constructie zijn deze systemen ook geschikt voor omgekeerde daken, waarbij de thermische XPS-isolatie kan drogen en interne condensatie wordt geminimaliseerd
Alle ND Drainagesystemen worden als één geïntegreerd product geleverd op rol, waarbij filter-, drainage- en (glij- en) beschermlaag zijn verlijmd tot één product. Dit maakt ze eenvoudig te hanteren en snel te installeren.
Een hoge druksterkte is essentieel om schade aan het drainagesysteem te voorkomen, vooral tijdens de aanlegfase. Tijdens de installatie lopen vakmensen regelmatig over het dak, waardoor het systeem tijdelijk zwaar wordt belast.
Wanneer het drainagesysteem onvoldoende drukvast is, kunnen de noppen indeuken of beschadigen. Dit kan de waterafvoer en de werking van het groendak negatief beïnvloeden.
Nophadrain levert drainagesystemen met een hoge druksterkte, vervaardigd uit HIPS (High Impact Polystyrene). Hierdoor blijven de noppen intact tijdens installatie en blijft de functionaliteit van het groendak gewaarborgd.
Soms wel, afhankelijk van de opbouwhoogte. Bij Nophadrain adviseren wij gebruikt te maken van de ND WSM-50 Waterreservoirplaten. Deze bufferen ca. 40 l/m² water en geven het via capillaire opstijging direct aan de planten. Zo blijft het substraat vochtig, wordt waterdruk op het dak voorkomen en kan de vegetatiedragende laag dunner uitgevoerd worden, wat gewicht bespaart. De platen reguleren water op natuurlijke wijze, voeren pas overtollig water af als ze volledig verzadigd zijn en fungeren bovendien als extra filter, waardoor ook teelaarde veilig kan worden toegepast.
Bij extensieve daken worden de ND SM-25 en ND SM-50 Substraatplaten gebruikt. Deze platen hebben geen extra filterfunctie, wat ook niet nodig is omdat het gebruik van teelaarde niet relevant is bij extensieve groendaken.
De vegetatiedragende laag vormt de basis voor de begroeiing. Ze moet water kunnen vasthouden en dit beschikbaar stellen aan de planten, geschikt zijn voor intensieve doorworteling, overtollig water afvoeren naar de waterafvoerende laag en een stabiele, afschuifbestendige structuur hebben. De vegetatiedragende laag bestaat uit een daktuinsubstraat, daktuingrond of substraatvervangende platen.
Bij extensieve daken kan de vegetatiedragende laag bestaan uit stortsubstraat of substraatvervangers. Stortsubstraat bevat maximaal 65 g/l organische bestanddelen en voldoet aan de FLL-Dakbegroeiingsrichtlijn (2018). Substraatvervangers zijn bij Nophadrain de ND SM-25 of ND SM-50 Substraatplaten. Zij bestaan volledig uit minerale bestanddelen, zijn vormstabiel, licht van gewicht en hebben een hoog watervasthoudend vermogen, waardoor ze geschikt zijn voor lichte dakconstructies en hellende daken.
De laagdikte hangt af van de gekozen vegetatie, dakhelling, klimatologische omstandigheden, dakligging, maximale dakbelasting en het gewenste waterhoudend vermogen.
Bij extensieve groendaken:
Bij intensieve groendaken:
Op intensieve groendaken worden doorgaans twee hoofdtypen groeimediumlagen toegepast: substraat en geschikte teelaarde. Alle lagen voldoen aan de FLL-groendakrichtlijnen (2008) en zijn afgestemd op de behoeften van de vegetatie, waaronder voldoende wortelruimte, waterbeschikbaarheid en nutriëntenvoorziening.
Substraat is een mix van minerale en organische bestanddelen die water vasthoudt en voeding biedt, terwijl de filter- en waterafvoerende lagen beschermd blijven. Het substraat voor een intensieve begroeiing mag maximaal 90 g/l organische bestanddelen bevatten. Teelaarde kan ook worden toegepast in combinatie met ND WSM-50 Waterreservoirplaten, mits getest op fijne deeltjes.
Geschikte teelaarde kan ook worden gebruikt in combinatie met ND WSM-50 Waterreservoirplaten, omdat deze panelen een aanvullende filterfunctie bieden.
Op extensieve groendaken worden planten gebruikt die goed bestand zijn tegen extreme weersomstandigheden. Typische combinaties zijn mos-sedum, sedum-mos-kruiden, sedum-kruiden-grassen en grassen-kruiden. Lokaal voorkomende of inheemse soorten hebben de voorkeur.
Belangrijke factoren zijn klimatologisch (zon, droogte, neerslag, windrichting), bouwkundig (dakligging, helling, schaduw en windstroming) en vegetatietechnisch (wintervastheid, weerstand tegen wind, eisen aan de vegetatiedragende laag en verdringingsweerstand). Deze omstandigheden bepalen het succes en de duurzaamheid van de dakbegroeiing
Planten kunnen worden aangebracht als sedumstekken, plugplanten of vegetatiematten. Sedumstekken worden gestrooid en licht aangerold, plugplanten worden geplant in een minimale laagdikte van 60 mm, en vegetatiematten worden uitgerold en minimaal 25 mm overlapt voor een goed dekkend oppervlak.
Op een intensief groendak kan van alles groeien: van gazon en lage planten tot hoge bomen tot 15 m. De keuze hangt af van de bouwkundige mogelijkheden en de benodigde doorwortelbare ruimte.
De vegetatielaag kan plaatselijk worden verhoogd met bakken of substraatheuvels om wortelruimte te creëren. Voor extra stabiliteit en bescherming tegen wind kunnen bouwstaalmatten in de vegetatielaag worden aangebracht.
Een extensief groendak vergt 1 à 2 keer per jaar onderhoud, bij voorkeur in voorjaar en najaar, waarbij de volgende werkzaamheden worden uitgevoerd:
Nophadrain stelt onderhoudsinstructies beschikbaar via de website.
Benieuwd naar de mogelijkheden van onze innovatieve Nophadrain-oplossingen voor uw project? Wacht niet langer en maak vandaag nog een afspraak met één van onze experts!